Het zevende zintuigzaterdag, 23 april 2005, 20:30
 Een
paar keer per jaar ligt bij ons thuis het internet er uit. Mijn
dochters signaleren deze ramp real time met een gevoelsintensiteit, die
aan een acute kiespijnaanval doet denken.
“Papa, het internet doe het niet” Dat
betekent alarmfase 1. Want het gewone leven stokt. De simultane
communicatie, die mijn dochters onderhouden met pakweg tien of vijftien
vrienden, ligt plat. Er kunnen geen foto’s en muziekbestanden meer
worden uitgewisseld en geen online games meer worden gespeeld. Voor
mij betekent het dat de levenslijn van de email opdroogt. Daar zitten
orders tussen en dringende verzoeken om iets te doen of juist te laten.
Ik kan niet meer online bankieren en ik kan niks meer opzoeken op het
web. Pas dan merk ik hoe ontzettend vaak ik dat doe.
Als het web
niet toegankelijk is zijn we uit ons doen en voelen we ons kwetsbaar.
Op het blote af. Dat komt, omdat internet een zevende zintuig is
geworden. Naast zien, horen, ruiken, proeven, voelen en intuïtie
beschikken we nu over een sociale sonar. Als die uitvalt worden we
teruggeworpen in de tijd. De miljoenen machines, die het internet
in de lucht houden, hebben ons de afgelopen tien jaar méér mens
gemaakt. Binnen enkele jaren zal dat web versterkt zijn met een paar
miljard mobiele computers (smartphones). Dat betekent dat er geen weg terug meer is. Ons zevende zintuig is binnen. Het gaat nooit meer weg.
FT
Deze column verscheen eerder in het magazine
Valuable News van Fujitsu Siemens Computers.
De foto is gemaakt tijdens
The Internetworking Event 2005 in de Rai.
trefwoorden: E-mailverkeer, Instant Messaging, Webbased applicaties
|